De castratie
Voordat we de hengst gaan castreren wordt er gecontroleerd of beide ballen zijn afgedaald. Als er een of beide niet zijn afgedaald dan castreren wij de hengst niet. Wij kunnen u wel doorsturen naar een kliniek waar het wel mogelijk is om deze klophengsten te laten castreren. Daarnaast controleren wij nog de gezondheid en of de hengst kreupel is of niet. Als de hengst ziek is dan kan de castratie beter worden uitgesteld tot dat hij weer opgeknapt is.
Castreren van de hengst kan op verschillende manieren, zowel staand als liggend. In onze praktijk kiezen wij altijd voor een liggende castratie, dit is veiliger en op die manier kan er schoner worden gewerkt. Hiervoor wordt de hengst eerst gesedeerd en vervolgens onder algehele narcose gebracht. Daarna worden de benen uitgebonden en het infuus aangelegd en wordt het operatiegebied schoongemaakt en afgedekt. Dan kan de castratie plaatsvinden. Hiervoor maken we in beide kanten van de balzak een snede en worden de ballen verwijderd. De zaadstreng wordt gekneusd en afgebonden en de wonden worden dicht geniet. Vaak treedt er wel wat zwelling op van de balzak en koker, deze zwelling is het ergst 3 a 4 dagen na de castratie.
Het verstandig om de nieuwe ruin minimaal 6 weken niet samen te stallen of weiden met merries.

